En dan had je nog die eigenaardige Joris Driepinter. Wel met van die leuke tekeningetjes en allitererende namen (Olivier Olifant, Victor Vuurtorenwachter). En maar melk drinken. Fijn voor de boeren, maar niet voor Bertus Boef.
En dan had je nog die eigenaardige Joris Driepinter. Wel met van die leuke tekeningetjes en allitererende namen (Olivier Olifant, Victor Vuurtorenwachter). En maar melk drinken. Fijn voor de boeren, maar niet voor Bertus Boef.
Ondertussen was er in 1969 al wat Dupuis aan het binnensijpelen. Zoals Johan en Pierlewiet in nr 9, 14 en 18. Korte en zeer oude verhaaltjes, dat wel, maar toch. Dit smaakte naar meer. Blijkbaar vond men de Belgische namen iets te vreemd voor de Hollandse kindjes. Na de metamorfose (van nr 23 naar 24) werd Pierlewiet gewoon weer Pirrewiet. Bollie en Billie werden Bas en Boef, dat inderdaad een stuk leuker klinkt. Er zou echter binnenkort heel wat meer Dupuis binnensijpelen
Wordt Vervolgd
Sport. Cruyf was nog maar gewoon een naam naast al die andere grootheden Piet Keizer, Ard Schenk en Kees Verkerk. Later zou dit leiden tot een Sjors affiesje in 1970 van Nederlands eerste winnaar van de Europacup I. Kijkend naar dat affiesje zie je geen geposeer, maar een rijtje knullige jongens. Van Hanegem die zijn kop laat hangen, naar zijn voeten kijkt of het gras. Weg met de mediatraining.
Tegelijkertijd wilde ze er ook een slaatje uit slaan. De Sjors om een nieuw voetbalblad te promoten de 1-0. Met natuurlijk Cruyf of Cruijf.
Wordt vervolgd
Zoals gezegd was het niet allemaal kommer en kwel in de Sjors. Eigenlijk waren de omslagen best leuk. En sommige strips waren spannend zoals Trigië. Daar wachtte je wel een week op, vol spanning. Naast die oubolligheid kreeg je toch een glimp van de spannende tijd. Er werden bands voorgesteld en niet alleen The Beatles (kijk John Lennon eens modern doen met een spijkerjackie), maar ook The Pink Floyd (met Syd Barrett) en The Bonzo Dog Doo Dah Band, met een stel volkomen van de pot gerukte gasten. En wat dacht je van dat jochie Jan Akkerman (wat een zelfvertrouwen). Nee de tijden waren niet oubollig! En het was ook op andere fronten ene spannende tijd!
Wordt vervolgd
In 1969 stond de Sjors vol afgrijselijke strips. Strips die je snel wil vergeten. Let wel. We hebben het niet over Billie Turf of Wimpie, die hebben we tenminste nog onthouden. Nee er stonden hele achterlijke verhalen in, volstrekt anoniem en karakterloos. Humpie Hunebed de superspion? Wel eens van gehoord? 1969-nr 1. Nee, natuurlijk niet. Op patrouille met Zip Nolan van de motorbrigade. Een vreselijke Engelse strip. En misschien wel het ergst: De avonturen van Scotty Clay, met zo'n vreselijk raar hoofd vanwege een modern kapsel. Ook raar, maar wel erg Platinatijdperk zijn de Amerikaanse strips, die toen al 69 jaar oud waren zoals: de familie Zeerob, oftewel de Katzenjammer kids. Zelfs de naam van Rudolph Dirks staat er nog. Van pionier van het stripverhaal naar een pagina in een lullig Hollands blaadje. Leuk in 1900, maar in 1969 niet echt. Ook Little Henry uit de jaren 30 heeft hier een opleving en naamsverandering ondergaan (Kleine Driekus). Gewoon wat goedkope strips bij elkaar geschraapt. Daar hoeven geen rechten meer voor betaald te worden, dus hupsakee. Toch ging de tijd niet helemaal voorbij aan het blad.
Wordt vervolgd
Ooit was de Sjors een buitengewoon oubollig en vervelend weekblad, hoewel de kinderen uit die tijd dat misschien anders beleefden. Dat zal dan eerder zo geweest zijn omdat ze niet beter wisten dan dat er niet beter was. Het gras was in dit geval echt groener aan de andere kant, maar wat wisten de Provinciaalse kindjes uit Lemmer of Julianadorp nou van die andere blaadjes. De Pep (sinds 1962) was wel voor zeer vooruitstrevende gezinnen. Die kregen het beste uit de Belgische Kuifje en de Franse Pilote. De Robbedoes was van een andere superieure planeet. Hier tekenden de goden hun strips. Het ene meesterwerk na het andere. Hier zien we ze in 1958.
Ondertussen lazen de Hollandse en Friese kindjes en die uit alle andere afgelegen Provincies uit armoede Sjors en Sjimmie van Frans Piët, die striptekenen eigenlijk lang niet zo leuk vond als muziek maken, maar ja. Het verdiende beter. Er waren nog veel ergere strips, meestal afkomstig uit Engeland en achteraf gezien dus heel raar, maar wist de argeloze Sjorslezer veel? Billie Turf, Wimpie met zijn rare dromen. In de loop van de jaren zestig sijpelde zo nu en dan wat beters door. Het fascistische Opkomst en ondergang van het keizerrijk Trigië bijvoorbeeld met de voortdurende verbeten koppen van Janno, Trigo, Brag of Perik en die vuile groene untermenschen van Cato, een soort groene Aziaten. Natuurlijk met verradelijke trekjes. Die kregen gelukkig altijd hun verdiende loon.
In 1969 voltrok zich de wonderbaarlijke verandering die leidde tot de Sjors die wij kennen en zo blijkt nu, omdat we er nu over schrijven, een verpletterende indruk maakte. (rara hoe oud zijn wij?). Wat was die oude Sjors in 1969?
Wordt vervolgd
We zijn opeens weer (even) terug geslingerd naar het ware Platina tijdperk. Door dit nogal wanstaltige en tegelijk onweerstaanbare opmerkelijke ding. Het is een humidor, een bevochtiger voor sigaren. De reden is natuurlijk dat we als een rode lap op een stier reageren op de majolica Happy Hooligan of zijn neef Gloomy of oom Moresnet (met monocle en waarvan we net een hoofdflesje met een kurk hebben bemachtigd). Nu dus deze humidor. Verbijsterend. De verkoper wees al op een soort jacht scene die we hier afgebeeld zien, Happy Hooligan als stervend wild op de deksel van de sigarenbevochtiger. De voorzijde toont een plaatje dat hier weinig mee van doen heeft. Het hondje heeft een bot te pakken dat door twee kwajongens, die door het raampje vol verwachting de uitkomst afwachten van hun snode plannetje, een aan het tafelkleed vastgemaakt bot vast heeft en er aan trekt. We zien verstild het gevolg. Mijnheer zijn kopje koffie is op de grond aan het vallen. een tegelvloer , dus dat beloofd niet veel goeds! Er zat niets in of hij heeft net ingeschonken. Hij heeft de kan nog in zijn hand. Lachen! Happy Hooligan, zal zoals altijd, wel weer de schuld krijgen. Zou hij daarom stervend op het deksel liggen. En waarom die rare handschoenen? En nog belangrijker: heeft Mel Birnkrant deze wel?
Niks met het Platina-tijdperk te maken? Dat hadden jullie gedacht. Deze doos met fritten had net zo goed betekend kunnen zijn door George McManus, de echte uitvinder van de klare lijn.
In de wirwar van Bruintje Beer reeksen uit de jaren 30 en begin jaren 40 kun je helemaal verdwalen. Dat was al met de bekende handelsblad reeks waar we in voorgaande berichten al over hebben gezeverd. Nu de Corona crisis op zijn piek is moeten het toch even over echt belangrijke zaken hebben. De Friese reeksen van dit beertje. Het zijn leuke kleine boekjes en het zijn er veel meer dan de 24 delen van de andere reeks, want er staat maar een verhaaltje per boekje in. Ieder boekje heeft dus een eigen titel. Wel zo leuk. We hebben de Premie Leeuwarder Nieuwsblad reeks en de Premie Nieuwsblad van Friesland reeks. Die zijn al nauwelijks van elkaar te onderscheiden. Soms is Bruintje opeens Bruin dan beleefd hij opeens weer Vroolijke avonturen. Zo vrolijk zijn ze vaak niet. Eerder wat vervreemdend en beangstigend door de verstilde plaatjes en de uitdrukkingsloosheid van Bruintje. Een beer toont geen emoties. Net als Engelsen natuurlijk, althans vroeger. De Friese boekjes hebben een fijn lichtbruin tot gelig kartonnen omslag. De ruggetjes zijn vaak versleten, de kaftjes los. Vele boekjes, ook in de online catalogi hebben geen omslag. Prachtig allemaal. We hebben inmiddels heel wat van die wrakken binnengeharkt, je moet wat ten tijde van crisis. De boekjes vullen een leegte. Na uitgebreide studie waarbij de ene reeks van d eandere werd gescheiden zaten we met nog enkele deeltjes die van beide Friese reeksen afweek doordat de kleiner waren, een grijs kartonnen omslag hadden en geen naamsvermelding van de uitgever op de voorkant. Ook geen Brambergen-, Batavus- of Draisma levertraan reclame op de achterkant. Helemaal niks. Gewoon grijs. Nog leuker is de afwijkende afbeelding op de voorkant. Hieronder volgende de bewijzen.
Reguliere reeks met opdruk uitgever en bruingeel kartonnen omslag
| De grijze crisis uitgave met grijze omslag en ander plaatje |
| Grijze achterkant crisis-uitgave zonder reclame |